Atelier de la Charité 

landelijk logeren

Hout

Eindelijk mooi weer, maar het is ook koud en dat betekent flink stoken. Niet meer met gas, zoals in het begin dat we hier woonden, maar met hout. Gas is geen stadsgas, maar wordt ter plaatse geleverd door een vrachtwagen en is veel te duur. Veel mensen stoken daarom op hout en houden de boel vorstvrij met elektrische kachels. Gezellig, romantisch, sfeervol, daar droomt iedere stadsmens van. Ik ook, in den beginne.

 Ik begreep er niets van dat Rick in zijn recent opknapte boerderij geen houtkachel had geïnstalleerd. Er zat nota bene een originele stookplaats en enorme schoorsteen in. Hij had andere ideeën van romantiek dan waxinelichtjes en een knapperend haardvuur. Net als de de oudjes, die nog weten wat een armoede het was om op hout of kolen te stoken. De dag koud beginnen, dagelijks hout halen, de aslade legen, elk half uur een blok op het vuur leggen en heel veel stof in huis. Pfff. Langzaam begin ik het ook in te zien. Gevaarlijk is het bovendien. Ieder jaar gaat hier wel een huis in vlammen op.

En dan nog al het voorwerk. Je kunt droog hout laten brengen, maar om de kosten te drukken hebben veel mensen een eigen stukje bos of haag. In hun vrije weekend gaan ze ‘au bois’. Er moet worden gekapt, gespleten, gestapeld en gedroogd (het hout moet minimaal twee jaar liggen). Dan snap je ook meteen waarom je hier in het bos zo weinig wandelende mensen tegenkomt. Bos is voor het hout, de jacht, de paddenstoelen en daarna heb je het wel gezien. Net als dat vuurtje.